Columns

door Liesbeth Bauer

Scheiden is nu de norm, maar de samenleving is er niet klaar voor

NRC: Scheiden is nu de norm, maar de samenleving is er niet klaar voor

Relaties Echtscheiding wordt de norm – of is dat al, stelt Stine Jensen vast. Naast conflictlessen voor kinderen bepleit ze ook conflictlessen voor al die scheidende ouders.

Op een dag kwam mijn dochter (11) opgewonden thuis van school. Ze had een ‘scheidingsles’ gehad, vertelde ze. De hele klas had gehuild! En de juf ook!

Ik knikte, ik wist het al. Juf Dewi (22) had alle ouders een e-mail gestuurd om ze te vertellen dat hun kind die dag misschien met wat vragen en emoties thuis zou kunnen komen. Na het kijken van een aflevering van Het Klokhuis over echtscheiding was er in de klas spontaan een gesprek ontstaan over scheiden, nadat de juf had gevraagd hoeveel kinderen gescheiden ouders hadden. Het was waardevol geweest, en ook aangrijpend. Er waren veel emoties losgekomen bij de kinderen, ook bij haar.

Stine Jensen is filosoof en schrijver

„Hoeveel kinderen uit jouw klas hebben er gescheiden ouders?”, vroeg ik mijn dochter.

„Veertien van de tweeëntwintig. De kinderen die geen gescheiden ouders hebben, moesten ook huilen, want die waren toch een beetje anders dan de rest.”

Twee derde van de klas, het klonk mij als veel in de oren. Natuurlijk wist ik het al wel van een aantal, je komt er gauw achter bij het maken van speelafspraken („op woensdagen en vrijdagen is ze bij haar vader, moet je die even appen”), maar zoveel? Mijn dochter keek er niet van op of om, gescheiden ouders is in haar klas de norm. Ze behoort zelf tot die norm: haar vader en ik gingen uit elkaar toen ze twee was. Het was geen lichtvaardig besluit, het was misschien zelfs helemaal geen ‘besluit’, eerder een onoverkomelijke situatie. Zoals het verstand (vaak) een ondergeschikte rol speelt bij het beginnen van de liefde, zo kan het uit elkaar gaan zich ook als een even irrationele natuurramp voltrekken. Er zijn, heb ik me laten vertellen, ook keurige ‘huis-tuin-en-keuken’-scheidingen, die van mij was dat niet.

Maar huis-tuin-en-keuken of niet, elke scheiding heeft gevolgen, en als er kinderen in het spel zijn, is het zelden een lichtvaardige keuze. Na de scheiding moest ik mezelf opnieuw uitvinden: was ik nu een soort parttime-gezin? Ben je met zijn tweeën een ‘heel’ gezin, of een éénoudergezin? Hoe vind je een nieuw ritme?

Formeel niets geregeld

Het hoge aantal gescheiden ouders bij mijn dochter in de klas zette me aan het denken. Was er gelijk met mij een hele kluit ouders (en hun kinderen) zichzelf aan het uitvinden geweest? Ik begon een persoonlijk onderzoek naar scheiden en de gevolgen daarvan. Ik startte op het schoolplein, en waaierde uit naar andere terreinen: wonen, wetgeving, beeldvorming. Aanvankelijk zag ik het hoge aantal als een aberratie die verklaard moest worden. Het Centraal Bureau voor de Statistiek noemt bijna een derde van de kinderen in een klas die gescheiden ouders hebben als landelijk gemiddelde; ruim  600.000  kinderen onder de 16 jaar woonden in 2015 niet in een gezin met twee eigen ouders, en dat aantal stijgt. Navraag bij ouders leerde mij dat veel van hen formeel niets geregeld hadden – net als ik zelf trouwens. Zij komen in de eerste statistieken dus niet voor. Verklaringen voor die scheidingen te over. Van formele van het CBS: ‘op elkaar uitgekeken’, ‘botsende karakters’, tot mijn eigen rondvraag op school: „Er is te veel afleiding en vertier in de stad, bij problemen dwaalt het oog snel af” (de juf, pre-corona), „De vrouwen zijn geëmancipeerd en kiezen voor zichzelf” (een gescheiden moeder) en „We leven in een liefdesconsumptiemaatschappij” (tinderende ouder), tot „Er zijn zoveel nationaliteiten en achtergronden in deze klas, en al die gemengde relaties leveren prachtige kinderen op, maar ook veel conflict en ruzie” (een gescheiden vader).

Gaandeweg drong het steeds meer tot me door dat het scheiden zelf wellicht niet zozeer aandacht behoefde, dat was al lang de gegeven norm, als wel het traject erna.

Wie uit elkaar gaat, en kinderen heeft, heeft met elkaar levenslang. Het woord ‘nahuwelijk’ (gemunt door documentairemaakster Djoeke Veeninga) is een fraaie term, maar suggereert dat de liefdesrelatie op de een of andere manier actueel blijft. En juist dat geeft gedonder: als de liefdesrelatie niet goed wordt afgerond, blijft die steeds opspelen in het gezamenlijke ouderschap. En over dat gedeelde ouderschap, de kinderen dus, zou het moeten gaan, hoor je (terecht) vaak. Voor die kinderen van gescheiden ouders is gelukkig steeds meer een luisterend oor. Er zijn prachtige initiatieven als Villa Pinedo, een online platform waar kinderen van gescheiden ouders elkaar helpen, en er komen steeds meer hulpprogramma’s vanuit gemeentes (zoals de KIES-trainingen (‘kind in een scheiding’). Als kind van gescheiden ouders weet ik uit eigen ervaring dat je er ‘last’ van kunt hebben.

Meerdere blauwdrukken van de liefde

De statistiek stelt: wie gescheiden ouders heeft, heeft zelf ook 50 procent meer kans om uit elkaar te gaan. Toch heb ik het anders gedaan dan mijn ouders: ik ben niet zo lang mogelijk ‘voor de kinderen’ bij elkaar gebleven – net als veel ouders uit de klas van mijn dochter. En dat betekent dat kinderen als vanzelfsprekend ook opgroeien met meerdere blauwdrukken van de liefde, want die ouders krijgen nieuwe partners, soms weer met eigen of nieuwe kinderen.
Als scheiden de norm is (of wordt), is de samenleving daar dan klaar voor? Nee, luidt het antwoord. Nederland kan om te beginnen het aantal echtscheidingen niet aan als het om huisvesting gaat. Er zijn inmiddels veel schrijnende verhalen van mensen die noodgedwongen in hetzelfde huis blijven wonen na een scheiding omdat een andere woning onbetaalbaar is. Een uitkomst zijn de ‘Parentshouses’, waar ouders met kinderen tijdelijk terecht kunnen na een scheiding. Het aantal in Nederland blijft echter ver achter (er zijn nog maar 16), en staat of valt vooralsnog bij initiatieven van particulieren, soms gesteund door een organisatie of de gemeente. Maar het is een tijdelijke oplossing, zoals ook het commerciële scheidingshotel in Haarlem, en dus niet duurzaam. Voor architecten in spe ligt een belangrijke creatieve uitdaging om na te denken over woonvormen voor de nieuwe samenleving.

Voor de maatschappij speelt, naast de harde materiële werkelijkheid van het woningtekort, ook een ander aanzienlijk financieel belang: het platform ‘Scheiden zonder schade’, een initiatief van de overheid dat breed gesteund wordt, en waarvoor 2 miljoen euro is uitgetrokken, heeft berekend dat een complexe scheiding de samenleving veel kost (gemiddeld 50.000 euro per scheiding). Nederland kent er zo’n 16.000 per jaar.

Interessant aan dit platform is dat het laat zien dat de focus in de samenleving is verschoven. Niet langer meer gaat het om het voorkomen van scheidingen, maar het draait om het schadeloos uit elkaar gaan. Zelfs de christelijke partijen – of misschien juist zij, omdat zij de bescherming van het kind tot hun kerntaken rekenen – zijn van richting verschoven door scheiden niet langer taboe te verklaren, maar de aandacht te verleggen naar hoe beter uit elkaar te gaan. Het platform nodigde mensen uit om daartoe ideeën te lanceren. 146 initiatieven werden ingediend, waaronder een conflictcursus voor basisscholen.

Puik plan, vind ik. Want kinderen kan je leren over flirten, lentekriebels, en waar baby’s vandaan komen, maar hoe maak je ruzie zonder elkaar de hersens in te slaan? Hoe rond je een ruzie af? Juf Dewi vertelde me dat het ook nuttig zou kunnen zijn als de Pabo aanstaande docenten zou leren hoe je als docent om kunt gaan met alles wat je in de klas tegenkomt wat met scheiden te maken heeft: verdriet, geen spullen mee want die lagen bij de andere ouder, en nu dus ook: „Juf, mijn ouders zijn als enige bij elkaar. Is dat niet heel gek?”

Lees ook: Nooit zie je jezelf als alleenstaande ouder, tot het vakantie is

Conflictlessen voor scheidende ouders

Journalist Frénk van der Linden heeft vaker gezegd: geef kinderen ‘liefdeslessen’ of handvatten daartoe. In zijn prachtige boek En altijd maar verlangen. De liefdesoorlog van mijn ouders schrijft hij over het hartverscheurende gegeven dat zijn ouders veertig jaar niet met elkaar spraken na hun scheiding, totdat hij ze bij elkaar bracht. Door het lezen van zijn boek drong het met een schok tot mij door dat mijn ouders na hun vechtscheiding (vijfendertig jaar geleden) elkaar nooit meer normaal hebben gesproken.

Behalve conflictlessen voor kinderen, zou ik ook graag meer conflictlessen voor al die scheidende ouders zien. Mensen gaan naar de psycholoog om hun relatie te redden. Maar wil je goed uit elkaar, dan is het even zoeken naar een therapeut. Wie een samenleving wil waarin mensen ‘scheiden zonder schade’, moet niet alleen investeren in kinderen, maar ook in de ouders, bijvoorbeeld in die hoe-uit-elkaar-gaan-therapieën. Recentelijk zijn er therapeutische methoden ontwikkeld (zoals in Nederland de SCHIP-aanpak, een post-relationele therapie). Onderdeel van zo’n therapie is het ‘scheidingsritueel’. Je bekrachtigt daarin dat je uit elkaar gaat.

Als scheiden geen taboe is, dan is het ook zaak om de taal rondom scheiden minder negatief te laden: nu kom je als kind nog altijd uit een ‘gebroken gezin’ of een ‘vechtscheiding’. Scandinavië, van oudsher de plek op aarde waar scheidingen welig tieren, introduceerden ‘bonus’ als term, en proberen tegenwoordig in de beeldcultuur van scheiding zelfs wat grappigs te maken, zoals in de serie Bonusfamiljien.

Romantisch ideaal volkomen intact

Ik ben benieuwd naar het effect op kinderen van scheiden als norm, als het gaat om hun dromen en verwachtingen van de liefde. Geloven zij nog in die ene, de ware? Ik checkte het bij mijn dochter. Hoe kijkt zij aan tegen de liefde? Welke films ziet ze, wat krijgt ze vanuit de beeldcultuur mee over haar geleefde realiteit waarin scheiden de norm is? Grappig genoeg ziet ze best veel films waarin ouders het alleen moeten rooien met een kind. Maar het romantisch ideaal van de ware blijft daarbij volkomen intact, zoals in haar lievelingsfilm Fatherhood, over een alleenstaande vader met zijn dochter, de moeder is bij haar geboorte overleden – willen vaders er alleen voor komen te staan, dan moet er altijd eerst een echtgenote dood. Die beeldcultuur mag best wat rijker, creatiever: hoe zien nieuwe gezinnen en alternatieve leefvormen eruit?

Als scheiden de norm wordt, of misschien al is, laten we de samenleving daar dan beter op voorbereiden. Ik zelf nam mij ooit hartstochtelijk voor mij niet te laten gebeuren wat mijn ouders deden: elkaar nooit meer spreken. En dus volgen de vader van mijn dochter en ik alsnog een ‘post-relationele therapie’ en doen binnenkort een scheidingsritueel. Mijn dochter vindt het „interessant”, misschien zelfs wel „een beetje leuk”.

„Doe je een mooie scheidingsjurk aan en mag ik dan scheidingsmeisje zijn?”

Ja, dat doe ik, en ja, dat mag.

Vanaf de tweede vrijdag van september, internationale ‘Dag van de Scheiding’, is de podcast Scheiden met Stine (Human) te beluisteren.

Share this post:
Liesbeth BauerScheiden is nu de norm, maar de samenleving is er niet klaar voor